top of page
  • Anna van Gerve

Nullen

Een jong meisje lacht naar de camera haar tanden bloot. Ze heeft kort naar achteren gebonden haar. Een bril met ronde glazen legt een spiegeling over haar toegeknepen ogen. Ze zit buiten op een houten bank met haar benen over elkaar geslagen. Aan de mouwloze jurk en haar blote knieën kun je zien dat het zomer is. Haar witte sokken zijn netjes naar beneden gerold. Ze draagt zwarte leren schoenen die gedecoreerd zijn met rijen gaatjes. Ik bekijk haar gezicht van dichterbij, ze is hooguit zeventien.

De foto is genomen in een instituut voor kinderen met een verstandelijke beperking, waar ze vanaf haar zestiende verbleef. Ze was altijd een nerveus kind geweest, vaak ziek, miste te veel lessen en kwam daardoor moeilijk mee op school. Op haar negentiende, in december 1934, werd in de rechtbank besloten dat ze gesteriliseerd zou worden. Het jaar daarvoor was in Duitsland een sterilisatiewet aangenomen die moest voorkomen dat geestelijk gehandicapten en mensen met een erfelijke aandoening kinderen kregen. In het Derde Rijk ging propaganda rond met zinsnedes als ‘een onwaardig leven’ en ‘nutteloze eters’. Ze waren een blok aan het been van de maatschappij.

Het meisje, Anna heette ze, wist van niets. Er is een foto van haar waarop ze voor het ziekenhuis staat waar diezelfde dag de ingreep plaats zou vinden. De zon strijkt over haar gezicht. Weer die lach, weer die tanden.

Op haar vierentwintigste werd ze samen met driehonderd vrouwen en honderdzevenenvijftig mannen naar het Euthenasiecentrum Grafeneck in zuid Duitsland gebracht. In dit voormalige kasteel, een statig geel gebouw dat vanaf een heuvel uitkijkt over boomtoppen en grasvelden, werden in 1940 meer dan tienduizend mensen met een fysieke of verstandelijke beperking vergast. Het was een vingeroefening voor de vernietigingskampen die de jaren daarna werden opgericht.

Toen Anna op Grafeneck aankwam, werd ze samen met de anderen naar binnen geleid. Ze moesten zich één voor één uitkleden om door een arts en administratief medewerker te worden bekeken. De arts wierp een korte blik op haar jonge lijf om vervolgens uit een lijst met zestig mogelijke doodsoorzaken de meest waarschijnlijke te kiezen om in te vullen op het overlijdensbericht dat naar de familie werd gestuurd. Ze werd gefotografeerd, gewogen en genummerd. Een maand later ontving de familie bericht dat hun dochter was gestorven aan buikvliesontsteking.

Grafeneck was de eerste van zes euthenasiecentra waar mannen, vrouwen en kinderen uit verschillende inrichtingen naartoe werden gebracht. Ze waren onderdeel van het sociaal-nationalistische programma van verplichte sterilisatie en ‘genadedoding’. Het project kreeg de codenaam Aktion T4, verwijzend naar de Tiergartenstraβe 4, het adres waar in Berlijn de kantoren van dit Sonderprogramm waren gevestigd. In deze villa werd de systematische moord op patiënten in psychiatrische inrichtingen gepland. Sommige vooraf geselecteerde slachtoffers werden na vergassing naar een aparte ruimte gebracht om hun hersenen te verwijderen ten behoeve van wetenschappelijk onderzoek. De overige lijken werden naar een ruimte bij het crematorium verplaatst om, na het trekken van eventuele gouden tanden, gecremeerd te worden.

In augustus 1941 werd Aktion T4 onder invloed van protest van verschillende kerken stopgezet. Er waren toen al meer dan zeventigduizend mensen omgebracht. Geen jaar later werd het programma in het grootste geheim weer opgepakt. De speciaal daarvoor ingerichte euthenasiecentra waren buiten gebruik gesteld. In plaats daarvan werden nu door opzettelijke uithongering, overdosis van medicijnen en dodelijke injecties in een veel groter aantal instellingen verspreid over het hele Rijk mensen vermoord. Ik staar naar het getal 300.000, zo veel nullen.



26 weergaven0 opmerkingen

Comentarios


bottom of page